| De grote kerk heeft haar bestek terug ( 9 ) |
|
|
|
| Geschreven door Be Leffers, geplubiceerd door Jan Pentinga. | |
| Vrijdag, 15 juni 2007 | |
|
Het interieur van de kerk.
Het bestek: “Naar de orgelgalerij te maken 2 trapjes, elk 15 treden, met bordessen. De trappen breed 0,75 m. met ronde leuningen op ijzertjes in de muur bevestigd. Voor de binnen-boom op iedere trede een ijzeren baluster, op de onderste trede een trappaal. De leuning tot afscheiding der trapgaten boven rond te laten loopen met dezelfde balusters. Op onderregel, tot afsluiting op het eerste bordes, een schot met deur”. Deze trapopgang is gelegen in het portaal van de kleine deur, aan Oosterdiepzijde, en is vrij degelijk en luxe uitgevoerd. Hier ging de organist naar boven (Jan Bosch meer dan 40 jaar). Men komt dan op de orgelgalerij en loopt tussen orgelkast en buitenmuur (zeer smal) door, naar de andere kant naast de preeknis. Vervolgens komt men in de speeltafelruimte; dit is mooi afgetimmerd. Als de organist het gordijn voor de boogopening opzij schoof, had hij een vrij goed overzicht in de kerk. De zware houten balken van de orgelgalerij steken iets door, boven de preeknis, en zijn verwerkt in fraai uitgevoerde consoles met gestuukt ornamentwerk. Dat de orgelgalerij boven de preeknis is geplaatst, is de nieuwe kerkbouw eind 1800/begin 1900; echt Kuipers. Toen de kerk gebouwd is, zijn er 2 nieuwe binnendeuren geplaatst in de bestaande muur van het oude “Concordia”. Eén deur kwam vanuit de consistorie en één vanuit de gang. Met de nieuwbouw van “Concordia”, met een veel te laag gangdak, moest men deze binnendeuren in hoogte verkleinen en is één deur (consistorie) verplaatst. Bovendien werd de intree van “Concordia”verkeerd aangebracht, waardoor de glas.-en loodramen in de beuken aan de onderzijde geblindeerd moesten worden. Eeuwig zonde voor het monument; aantasting van Kuipers zijn architectuur. “In de derde afdeeling voorwaarden van algemene aard”.“De algemene voorschriften van s’ Rijks Waterstaat zijn op deze werken van toepassing en zijn bindend voor den aannemer en zijn borgen. De aannemer dient het werk te verzekeren tegen brandschade. Ook verzekert de aannemer den dagelijkschen opzichter tegen het volle salaris, bij een Maatschappij ter goedkeuring van de directie. Directiebehoeften: Ter aan te wijzen plaats stelt de aannemer gedurende de uitvoering van het werk, ter beschikking van de directie, een soliede houten keet: ter oppervlakte van ongeveer 18 m2, met meubelen volgens opgave. De aannemer zorgt voor verlichting, verwarming, schoonhouding en bediening. De benoodigde bureau en teekenbehoeften ten dienste van dit werk, zullen door den aannemer worden geleverd, benevens de copieën aan details”. Vergeleken met de huidige bouw is op dit punt niets veranderd, alleen de tekentafel is vervangen door de computer. “Buiten en behalve het toezicht van den architect zal de besteder voor het dagelijksch toezicht op de juiste uitvoering van het werk een deskundig persoon aanstellen, die door de aannemer zal worden gerespecteerd. Behalve de besteder en de personen die door de directie zijn aangewezen, heeft niemand toegang tot het werk en de werkplaatsen. De uitbetaling der arbeidsloonen mag niet in kroegen of bierhuizen plaats hebben, maar op het werk of in de werkplaatsen. Vloeken en sterke drank is verboden”. Opvallend dat Kuipers dit niet in alle bestekken van de door hem te bouwen kerken voorschrijft. Pikant detail is, dat tijdens de bouw van de kerk, een dooplid der gemeente in beschonken toestand, alle glas.-en loodramen stuk heeft geslagen. Wordt vervolgd….. Bé Leffers. |



